.

Participatiesamenleving verscherpt tweedeling

Participatiesamenleving verscherpt tweedeling

De Nederlandse samenleving is een participatiesamenleving. De overheid legt meer verantwoordelijkheid neer bij burgers en gaat uit van zelf- en samenredzaamheid. Op zich lijkt daar niks mis mee. Ieder heeft immers de verantwoordelijkheid om zelf wat van zijn of haar leven te maken. En mensen die moeilijk hebben moeten kunnen rekenen op solidariteit uit hun omgeving. Zo ben je samen redzaam.

Het vuur van de participatiesamenleving wordt voor door de overheid aangewakkerd. Bij nagenoeg elk futiel besluit vraagt de gemeenteraad of er wel voldoende geparticipeerd is. In de praktijk leidt dit nogal eens tot een wildgroei aan meepraten en meedenken van bewoners in gemeentelijke plannen. Bewoners vragen daar overigens zelf ook vaak om. 

Er is reden tot zorg over de participatiesamenleving. Participeren doet niet iedereen. Dat doet vooral een select groepje van hoogopgeleide bewoners. Hoogopgeleiden trekken aan het langste eind. En dat is slecht nieuws. Lager opgeleide bewoners worden onvoldoende gehoord en worden zo nog meer een kwetsbare groep. Deze groep wordt meer dan andere groepen getroffen door liberalisering van de arbeidsmarkt en onzekerheid over werk, inkomen en gezondheid. Wellicht is dit een probleem van alle tijden. Mijn indruk is echter dat de tegenstelling zich de laatste jaren verscherpt en delen van deze groepen zich niet gekend voelen en zich gefrustreerd afwenden van de samenleving. Dat, op zich, versterkt al de tweedeling. 

Hierin schuilt een opgave om verbinding te zoeken. Hoogopgeleiden hebben hier een maatschappelijke verantwoordelijkheid om de hand te reiken. Maar hoe geef je dat vorm? Democratische instituties zijn hierbij vermoedelijk geen remedie, aangezien zij teveel gezien worden als spreekbuis van de “elite”. Waar moet die handreiking dan plaatsvinden? Ik denk dat dat moet gebeuren door hoger opgeleiden binnen kleinschalige gemeenschappen in de buurt of in het dorp waarbinnen initiatieven worden ontplooit.